Ik zag u deze winter voor het eerst,
Kaalkrachtig met uw takken naar de hemel gaan,
Tot alle hoeken werd het grasveld overheerst
Voor zo’n koning bleven onderdanen staan,
Bewonderend de donkere lange lijnen
Krombochtig en toch ook zo doelgericht
Tot waar de toppen in een punt verdwijnen
Tot waar geboren wordt het lage winterlicht.
Ik zie u deze zomer telkens weer
Blij wuivend met uw bladerrijk zo groot,
Een groet aan hond en kind en liefde teer
Door u zo hartelijk aan de stam genood.
Heb dank, oh koning, zo krachtig en zo sterk
Voor uw waken, uw wuiven en uw zijn.
Eén blik op u geeft moed voor het eigen werk.
Eén blik op u geeft kracht voor de eigen lijn.
Bob, Guildford, Recreation Road 12, 29 mei 1995.